[A+] [x]
Aandoening: Borstkanker
Als een zonnestraal
Patricia Hendrikx
Pagina 1

Mijn tuin grenst aan een stukje bos. Achter in de tuin staat een konijnenhok met een ren. Mijn konijn heet Sproet. Ze is een ondeugende dame die momenteel languit op het gras ligt. We luisteren samen naar de geluiden. Ik probeer de vogelgeluiden te onderscheiden. Een roodborstje een koolmees een vink Het bos leeft en de geluiden zijn prachtig. Als er een duif wegvliegt, spitst Sproet een oor. Ze staat op en traag loopt ze naar haar bakje met voer. Ze eet wat, neemt nog even een slokje water en ploft weer languit op het gras.
Wat kan het leven makkelijk zijn, denk ik nu. En wat is het leven mooi! Ik realiseer me dat ik dankbaar mag zijn. Ik ben blij dat ik leef. Dat ik ben die ik ben.
Terwijl de wind de bladeren van de bomen laat ritselen als een melodie, vertel ik jullie mijn verhaal.

Het was de ochtend na mijn zevenentwintigste verjaardag. De wekker liep af. Met moeite ging ik mijn bed uit. Mijn hoofd voelde zwaar en ik stond te wankelen op mijn benen. Ik sleepte mezelf naar de douche. Een warme straal viel over me heen het doucheputje in. Ik stond er, maar was totaal niet aanwezig. Met moeite kleedde ik me aan. Wat is er toch met mij aan de hand? Ik ben zo moe. Met die gedachten sjokte ik de trap af. Het lukt me niet. Wat is er toch aan de hand? Ik ging zitten op een stoel. De gedachte dat ik nu naar mijn werk moest rijden kneep me mijn keel af. De tranen rolden over mijn wangen. Het werd tijd om mijn werk af te bellen. Maar wat moest ik zeggen?
Voor mijn gevoel duurde het te lang voordat er opgenomen werd. Tuut tuuuuuuuut tuuuuut en toen hoorde ik een bekende stem. Een vrolijke stem die me begroette. Nauwelijks hoorbaar zei ik mijn naam. Door de bezorgde reactie aan de andere kant van de lijn voelde ik me nog ellendiger. 'Het lukt me niet', zei ik. Grote druppels tranen rolden over mijn wangen. Mijn hoofd bonkte, mijn neus begon te snotteren en ik voelde me loodzwaar. 'Het lukt me niet', zei ik nogmaals. Mijn collega snapte er niks van en probeerde me te troosten. 'Het lukt me niet. Ik kan geen auto rijden. Het lukt me niet. Ik ben zo moe.' En met die woorden hing ik op.
Hoe ik de trap omhoog ben gekropen en in mijn bed ben beland, kan ik me niet goed herinneren. Ik wilde slapen. Weg ver weg zijn van dit gevoel. Ik heb drie hele dagen geslapen en toen dacht ik dat ik wel weer kon gaan werken. Dat vertelde ik ook mijn collega aan de telefoon. 'Het gaat weer goed hoor, maandag ben ik er weer. Niks aan de hand.' Maar maandag voelde ik me ellendiger dan ooit. Ik kon de trap niet meer op en af lopen. Ik kon helemaal niets. Mijn wereld was heel klein geworden. Zo klein! Ik leefde enkel en alleen in mijn hoofd. Kon het gewoon niet geloven dat ik niks meer kon doen. En ik wist nog steeds niet wat er aan de hand was. Het werd tijd om de dokter te raadplegen.

De dokter vroeg me of ik last had van spanningen. 'Stressklachten? Wie? Ik? Welnee!' vertelde ik en zuchtte diep. Wat een idiote vraag. Ik had toch alles verwerkt? Het opgroeien zonder vader. De ziekteperiode van mijn zus. En op mijn werk ging het ook lekker zijn gangetje. Alles prima hoor! Nee, het moest echt lichamelijk goed mis zijn met mij.
De huisarts stuurde mij door naar het ziekenhuis. Mijn bloed en urine werd uitgebreid onderzocht. Ik weet nog precies hoe ik me voelde daar tussen heel veel bejaarde mensen. Wachtend tot ik aan de beurt was voor bloedafname. Ik voelde me net zo oud. Ook kreeg
ik een darmonderzoek en werden er longfoto's gemaakt. Omdat mijn hoofd zo tolde en zwaar aanvoelde, dacht ik dat ze daar wel iets zouden vinden. Dat verklaarde natuurlijk ook de vermoeidheidsklachten, het zweten, duizeligheid, pijnlijke rug, het moeilijk uit de woorden komen, altijd verkouden zijn en de gevoelloze loodzware benen. De uitslag was erg verrassend en ...



Beoordeel dit verhaal:
  • Huidige rating: 3.2/5
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
Huidige waardering: 6