[A+] [x]
Aandoening: Syndroom van Asperger
Aso-genen en ambities
Anne Sallinen
Pagina 1

‘Mijn broer heeft het syndroom van Asperger’, vertelde ik aan
eenieder die hem vreemd vond. De afkeer van mijn nieuwe klasgenootjes
in de brugklas veranderde per direct in medelijden. ‘Mijn oom had het
ook. Die heeft er zelfmoord om gepleegd.’


In Franse zon in lichte stroom
voortgestuwd door zachte wind
glijden de kano’s
een lach, een woord:
‘s zomers wordt men snel bemind.

Niets kon hij weten
van de genen
sluimerend in haar.
Niets wist zij van
de toekomst
gebracht door de ooievaar.

Onvermijdelijke weg
van huwelijk
en een dochter en een zoon,
jonge familie
zonder twijfel
gelukkig en gewoon.

Zij had een broer
een ongelukkig man
het leven eenzaam als de dood
hij maakte een keuze,
werd gevonden
in een levenloze sloot.


‘Hij kan zich best eens aan óns aanpassen!’ Vaders stem schalde hoog
door de kamer. ‘Peter! Pétèr!’
Peter stommelde naar de tafel en viel mokkend op een stoel. Zijn ogen
spuwden bliksemflitsen rond.
‘Laten we het nu even gezellig houden’, smeekte moeder, een lepel in
haar hand. Ze keek vlug van haar man, via Anne naar Peter. ‘Wat zal ik
voor je opscheppen?’
‘Ik hoef niks’, gromde hij. ‘En als jullie willen dat ik hier blijf zitten, kun
je beter je mond houden.’
Vader keek moeder vluchtig aan. Ze keek niet terug. ‘Eten is een sociaal
gebeuren’, mompelde hij, ‘we kunnen best eens normaal aan tafel eten,
zoals ieder gezin.’
Met een ruw gebaar schoof Peter zijn bord naar voren. ‘Wat zou het ook’,
brieste hij resoluut, ‘jullie bekijken het maar.’ Hij stond op, liep weg en
smeet de tussendeur met een klap achter zich dicht.
‘Peter!’ Vader gooide zijn mes neer. ‘Peter, kom terug! Nu!’
‘Willem, alsjeblieft … Laat hem toch. Je weet dat hij …’
Vader pakte zijn mes weer op. ‘Eten is een sociaal gebeuren’, herhaalde
hij.

Een masseur die zijn patiënt het vel van de ribben masseert. Vlees had de
man niet, maar de huid werd opgestroopt bij de schouders en scheurde
bij zijn onderrug. Brr. Ik wees mama op de tekening aan de muur. Ik durfde
er nauwelijks naar te kijken. ‘Rustig maar’, zei moeder, ‘dat doen ze
niet met Peter.’
Dat wist ik, want Peter deed hele leuke dingen, daar. Toch was ik opgelucht
toen we naar boven mochten. Bovenaan de trap was nog een wachtruimte,
met een deur erachter. Achter die deur zat Peter. Hij deed iets met
een hele moeilijke naam, zeker voor een zesjarige. Maar ik had het te
vaak gehoord om het niet te onthouden: sociale vaardigheidstraining, zo
heette het. Ik had geen idee wat het betekende, maar het was fantastisch.
Vond ik. Mijn oudere broer deed het, en ik mocht het niet, dus moest het
wel fantastisch zijn. De deur ging open. Een mevrouw keek om de hoek
en wenkte moeder. Ze wisselden enkele woorden die ik niet verstond.
Toen ging mama met de mevrouw mee naar binnen. ‘Kom maar, Anne.’
Ik voelde mijn hart sneller kloppen. Ik mocht aan de andere kant van de
deur kijken! Daar was Peter. Hij keek nors om zich heen. Achter hem
lagen blokken en ringen. En ander speelgoed, in allerlei kleuren. Wauw.
Zie je wel, dat het hier fantastisch was! Mijn broer was toch maar een
gelukkige jongen. Raar, en oneerlijk, dat hij dat niet scheen te vinden.

Ernstige gedachten
over als
en maar en dan.
Over wat normaal is
of sociaal is
over wat men niet verwachten kan.

Hypothesen,
psychologen
en onrust bovenal.
Niet alleen Peter
maar het hele gezin
vreest wat kan en mag en zal.

Ligt het aan de
opvoeding
of is het erfelijk misschien?
Wat is het überhaupt?
Zit het tussen de oren
of is er werkelijk iets te zien?

Syndroom van Asperger. Autisme. De woorden kropen als verlegen insecten
over de keukentafel waar in geen jaren meer vier mensen tegelijk aan
gegeten hadden. ‘Praat er maar niet over’, drukten Willem en Natasha
hun dochter op het hart. ‘Hij voelt zich daar niet prettig bij.’ Het vonnis
was definitief; het vreemde, asociale element dat bezit had genomen van het gezin had dankzij de specialisten een naam gekregen. De uitleg
kwam even simpel. Mensen met het syndroom van Asperger kunnen hun
indrukken niet filteren. Alle kleuren, bewegingen, geuren en geluiden
dringen zich tegelijkertijd op. Om gillend gek van te worden. Dus zonderen
deze autisten zich snel af, hebben ze een hekel aan veranderingen,
hebben ze één onderwerp waar ze uitzonderlijk veel van weten en zijn
verder redelijk wereldvreemd. Ruimtes waar meer dan drie mensen tegelijk
zijn, is hinderlijk. Groepen bestaande uit meer dan acht mensen zijn
niet te verdragen.

Daar moesten ze het mee doen. De nabije gevolgen kenden ze al; nooit meer
met z’n vieren op vakantie, nooit meer aan tafel eten. Maar ‘toekomst’ bleef
een vreemd woord. Peter ging naar ...



Beoordeel dit verhaal:
  • Huidige rating: 3.0/5
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
Huidige waardering: 6