[A+] [x]
Aandoening: Ziekte van Graves
Eind goed, al goed
Jenny
Pagina 1

In januari 2003 mocht ik met de schildkliermedicatie stoppen en
ik vond dat een spannend moment. De schildklier mocht nu zelf weer
hormoon gaan maken en ik was benieuwd wat ze ging doen.


Hoe het allemaal begon
In augustus 2001 ontdekte de oogarts bij mij de ziekte van Graves. Ik
was bij hem onder behandeling in verband met een lichte vasosclerose
(aderverkalking in een bloedvaatje van het oog) ten gevolge van hoge
bloeddruk. Omdat ik bij mijn toenmalige huisarts geen respons kreeg
voor mijn klachten (zou wel de overgang zijn, of rouwverwerking omdat
er nogal wat dierbaren waren gestorven in korte tijd) ging ik terug naar
de oogarts toen ik in de gaten kreeg dat mijn ene oog anders was dan
het andere. Het voorgaande jaar had iedereen mij gewezen op mijn linkeroog
dat zo ging hangen, terwijl juist het rechteroog door de ziekte van
Graves was veranderd. Ik durfde hier mee niet naar mijn huisarts: hij had
mij al vaker onterecht doorgestuurd en ik was veel te bang dat ik met
mijn ogen bij een orthopeed zou belanden. Hij had mij namelijk ooit
met mijn hoge bloeddruk naar de oogarts gestuurd en met mijn schouderpijn
naar de cardioloog!
De oogarts constateerde mijn Graves alleen uit bloedonderzoek (TSH>
0,01) en was verder nogal laconiek! Ik mocht zelf kiezen of ik mij wilde
laten behandelen of wilde afwachten. Ik had ondertussen alles al gelezen
over mijn ziekte wat los en vast zat: ik ontwikkelde niet alleen een
honger voor eten, maar ook voor informatie! Al mijn klachten vond ik
terug in de informatie en het bleek dat tachtig procent van die klachten
ook bij de overgang thuis hoorden. Dus wilde ik naar een internist.
penals lot 7.qxp 2/6/2006 5:46 PM Pagina 29
Bezoek aan de internist
De internist, dokter B., nam tijdens het eerste consult bijna een uur de tijd
voor me en concludeerde dat ik behoorlijk ziek was. Ook ‘troostte’ hij mij
met de mededeling dat ik én last had van de schildklier én last van de
overgang. Bloedonderzoek wees later uit dat ik al in de menopauze zat.
Ik werd grondig nagekeken. Er werd een botonderzoek (Dexa) gedaan
in verband met de vroege menopauze en de te snelle schildklier. Een uitgebreid
bloedonderzoek bracht de antistoffen tegen mijn schildklier aan
het licht. Ik moest twee dagen urine sparen, omdat een urineonderzoek
had uitgewezen dat ik een te hoog metanifrinegehalte in de urine had.
Dat zou kunnen betekenen dat er iets met mijn bijnieren aan de hand
was. Gelukkig was dit niet het geval. Verder werden mijn darmen nagekeken
vanwege jarenlange buikklachten. Uit het onderzoek bleek dat
mijn darmen onder controle moesten blijven om darmkanker te voorkomen.
Mijn hoge bloeddruk werd grondig aangepakt en het heeft jaren
geduurd voordat die naar de zin van de internist was. Ik voelde mij altijd
veilig bij deze arts en alles wat ik noemde, vroeg of hem liet lezen nam
hij heel serieus.

De behandeling
Mijn Graves werd eerst behandeld met een schildklierremmer: Carbimazol.
Het moment dat de schildklier helemaal niets meer deed, herinner
ik mij nog goed. Ik was op mijn werk (ik werk in de verpleging) en
ineens was de gang twee keer zo lang en ik had het gevoel niet meer
vooruit te komen. Ik was dus totaal hypo geworden door de Carbimazol.
Mijn bloed werd nagekeken en mijn TSH was nu ook weer meetbaar.
Het werd dus tijd voor de Thyrax erbij. Het vervelende was dat ik tijdens
mijn hyperperiode niet was afgevallen zoals gebruikelijk, integendeel.
En tijdens de Carbimazol-periode heb ik het gevecht met de weegschaal
helemaal verloren. Ik hoopte dat diëten weer zin zou hebben wanneer ik
met Thyrax zou beginnen. Maar ook in die periode kwam ik aan. Zou ik
hiermee moeten leren leven?
Ik ontdekte al snel dat ik de Thyrax rustig moest opbouwen, wilde ik niet
gaan hyperen. Dat wil zeggen, klachten krijgen die te vergelijken waren
met de klachten uit mijn hypertijd. Toch merkte ik dat ik zowel hyperperioden
als hypoperioden had, soms zelfs op dezelfde dag. Mijn inter-
nist wist te vertellen dat dit kon, maar dat men niet wist hoe dit kon. Ik
vocht tegen vermoeidheid en depressiviteit en ook tegen mijn opstandige
buien die het thuis soms ondraaglijk maakten. Toch bleef ik al die tijd
werken, ook omdat ik maar voor twee dagen per week een baan had. Wel
bracht ik een betere structuur aan in mijn werk, waardoor het vol te houden
was. Ik ervoer ook veel steun van mijn collega’s. Ik had echt wel
perioden dat ik mij beter ziek had kunnen melden, maar ik ...



Beoordeel dit verhaal:
  • Huidige rating: 2.6/5
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
Huidige waardering: 5